De Utrechtse Heuvelrug-Zuid

Het zuidelijk deel van de Utrechtse Heuvelrug is een landschap van bos en heide, van tabak en schapen, van grafheuvels en kastelen. Waar de heuvels en de rivier elkaar ontmoeten ligt de stad Rhenen, die ook naamgever was van het Rhenens Woud (Renswoude) en het Rheense Veen (Veenendaal). In dit deel van de Utrechtse biografieën worden levens beschreven van hoog tot laag: van Elisabeth, dochter van een Engelse koning, tot Marie Slot, die haar hele leven afhankelijk was van de bedeling. Er is veel gepreekt op de heuvelrug, waar de levens van dominees als Van den Brandhof, Jongebreur en Van Poolsum van getuigen, maar ook van een sekteleidster als Zwarte Jannetje. De bossen trokken ook schrijvers aan, zoals Maarten Maartens en Mien van 't Sant. Het boek overspant ook vele eeuwen: van de vroegmiddeleeuwse Cunera, die als enige een bloedbad door de Hunnen aangericht, overleefde, tot de pas onlangs overleden lokale historicus Lex Blankenstijn. Een bijna vakgenoot was de amateurarcheoloog Heinz Reusink. Zij krijgen in dit boek gezelschap van kasteelheren als Jan Andries du Bois, eigenaar van Maasbergen en Frederik van Reese van Athlone, bewoner van Amerongen. Hun levensbeschrijving brengen de heuvelrug letterlijk tot leven.

De Utrechtse Heuvelrug-Zuid
De Utrechtse Heuvelrug-Zuid

208 p. / € 11,50
ISBN 90-5479-887-4


bestel


Stichting Publikaties
Oud-Utrecht (SPOU)
Wim Sonneveldlaan 99
3584 ZP Utrecht
info@spou.nl